GESCHIEDENIS VAN EEN PANDEMIE

De Spaanse Griep (1918-1920)

Goed honderd jaar geleden werd de wereld getroffen door een pandemie die aan een geschatte 50 tot 100 miljoen mensen het leven kostte: de Spaanse Griep. Een veelvoud van het aantal slachtoffers van WO I.

* Toch is de Spaanse Griep (1918-1920) in veel historische werken over de twintigste eeuw niet meer dan een voetnoot. Ten onrechte, zo stelt wetenschapsjournaliste Laura Spinney  (De Spaanse Griep –De Arbeiderspers, 2018).

* De ziekte velde aanvankelijk vooral Amerikaanse militairen. Via hen kwam de ziekte vermoedelijk ook bij andere legertroepen terecht. Van alle militairen die overleden gedurende de Eerste Wereldoorlog, overleed 70 procent niet aan krijgsgeweld, wel aan de Spaanse Griep.

* Toen de Eerste Wereldoorlog voorbij was en de militairen weer huiswaarts keerden, sloeg het virus in enorm tempo om zich heen.

Een ziekte van ongekende proporties

* De Spaanse Griep was een ziekte van ongekende proporties. De eerste patiënt werd geregistreerd op 4 maart 1918 in de VS het laatste slachtoffer viel ergens in maart 1920.

 

 

*** De pandemie werd Spaanse Griep genoemd, omdat Spaanse journalisten de  eersten waren die er tijdens de Eerste Wereldoorlog over berichtten.

* Wereldwijd kreeg maar liefst een op de drie mensen – een half miljard – deze griep. Een geschatte 50 à 100 miljoen overleed eraan. In totaal 2.5% tot 5% van de wereldbevolking.

**  Hiermee werd de Spaanse Griep de grootste killer sinds de Zwarte Dood, die in de Middeleeuwen miljoenen levens eiste. Toch is de Spaanse Griep als ‘enkelvoudige gebeurtenis’ opvallend afwezig in historische overzichtswerken.

Historiografie over de Spaanse Griep

* In de eerste decennia na de uitbraak van de Spaanse Griep werd het virus vooral onderzocht door epidemiologen, virologen en medisch historici.

* Het duurde tot de jaren 1990 voordat het onderzoek naar de Spaanse Griep echt een hoge vlucht nam en meerdere disciplines zich in deze pandemie gingen verdiepen. Onder wie economen, politicologen en mainstream historici. Zij publiceerden hun bevindingen echter vooral in specialistische tijdschriften.

* De Britse wetenschapsjournaliste Laura Spinney heeft in de eerste plaats   alle bestaande kennis verzameld en geanalyseerd in haar werkboek.

* Laura plaatst de pandemie in een brede context: wereldwijd dus, en niet – zoals gebruikelijk – op alleen Europa en de Verenigde Staten.

Begin en verloop van de Spaanse Griep

* Vrij algemeen wordt aangenomen dat de Spaanse Griep begon op 4 maart 1918 in Camp Funston in Kansas, op een Amerikaanse legerbasis. De kok Albert Gitchell was de eerste die aan de griep overleed.

 

 

* Toen de geallieerde Amerikanen naar Europa vertrokken om te vechten in de wereldoorlog, werden ze ingeënt met 14 tot 26 vaccinaties. Mogelijk heeft die combinatie onbedoeld een chemisch bijeffect gehad, wat leidde tot het virus. Ook zou hun lichaam door al die ingeënte antistoffen dusdanig overbelast zijn geweest, dat er een verandering plaatsvond bij de aanmaak van antistoffen.

* Een tweede gangbare theorie vertelt dat de pandemie zijn oorsprong had in China in de jaren 1917-1918.

* Volgens diezelfde onderzoekers was de Spaanse griep een gemuteerd varkensvirus.

* Een derde theorie wijst de plaats Étaples in Frankrijk aan als startpunt van de griep tijdens de Eerste Wereldoorlog.

* Ten slotte zijn er onderzoekers die wijzen op de Spaanse Griep als een variant van gemuteerde vogelgriep.

* Spinney maakt geen keuze uit de drie theorieën over de herkomst van de Spaanse Griep, maar één ding is wel zeker: “De Spaanse Griep is niet in Spanje begonnen.”

Enkele gevolgen van de Spaanse Griep

* De Spaanse Griep had wereldwijd ingrijpende gevolgen. In Bristol Bay – Alaska stierf 40 procent van de bevolking aan de griep. In sommige regio’s zelf 90 tot 100 procent.. In elk geval verdwenen er door de Spaanse Griep ongeveer … twintig talen.

* Ook in economisch opzicht had de Spaanse Griep meetbare gevolgen. Zo wordt India behoorlijk getroffen door de pandemie. De agrarische productie van India was na de Spaanse Griep vergeleken met de periode vóór 1918 met 3 procent gekrompen.

* Ook in Europa daalden de geboortecijfers in de jaren 1918-1919 aanzienlijk. Spinney meldt overigens niet dat hier uiteraard ook een verband lag met de vele jongemannen die in de jaren 1914-1918 omkwamen op de Europese slagvelden.

* De Noorse epidemioloog Svenn-Erik Mamelund concludeerde dat de Spaanse Griep in Noorwegen tot een verzevenvoudiging van het aantal depressies leidde. Net als bij andere grote griepuitbraken in Noorwegen in de periode 1872-1929. Ook de vele gevallen van ‘slaapziekte’ (encephalitis lethargica, ofwel: EL) na 1918 hielden mogelijk verband met de Spaanse Griep.

* Ten slotte stimuleerde de grieppandemie de wetenschap in het interbellum, maar ook de opkomst van nieuwe alternatieve vormen van religie (zoals het spiritisme) èn versterkte zij het cultuurpessimisme dat in de jaren 1920 verwoord werd door bepaalde denkers.