ANDREAS VESALIUS

De grote Andreas Vesalius is nog veel meer dan zijn medische verwezenlijkingen: hij heeft ons hele denken op een nieuw spoor gezet en hoort daarmee thuis in het rijtje van de allergrootsten, het selecte clubje van Newton, Copernicus, Darwin en Einstein.

Andreas Vesalius werd geboren op 31 december 1514 als zoon van een apotheker in dienst van keizer Karel. Zijn grootvader was medicus aan het hof van Karel de Stoute, de laatste hertog van Bourgondië. En geloof het of niet, zijn overgrootvader werd in 1429 de eerste hoogleraar geneeskunde in Leuven, vier jaar na de oprichting van de unief (1425) tijdens de regering van hertog Filips de Goede.

Vanaf zijn 15de reeds las en evalueerde Vesalius in Leuven aan het Collegium Trilingue oude teksten in het Latijn, het Grieks en wellicht ook het Hebreeuws. Zijn intellectuele fundering.

In 1553 trok hij naar Parijs om er geneeskunde te studeren. Daar trof hij een revival aan van Galenus, de Griekse medicus uit de tweede eeuw. Diens ideeën hadden al meer dan 1 000 jaar de geneeskunde gedomineerd, maar Galenus sneed enkel dieren open.

In 1537 trok Vesalius naar Padua waar hij volop lijken van terdoodveroordeelden kon dissecteren .

In 1543, hij was toen 29, publiceerde hij een zevendelig anatomieboek dat een ware revolutie veroorzaakte in de medische èn culturele wereld van toen. ‘De humani corporis fabrica septem’ (over het menselijk lichaam, in zeven delen) heette het uitvoerige zevendelig werk. Vesalius groeide meteen uit tot de grote hervormer van de geneeskunde.

Ook de illustraties van het werk, vermoedelijk gemaakt door de Italiaanse kunstenaar Titiaan, waren van een ongeziene kwaliteit.

Vesalius trad één jaar later (1544) in dienst van keizer Karel, daarna volgde hij diens zoon Filips II naar Madrid.

In maart 1564 vertrok Vesalius om religieuze en diplomatieke redenen naar Jeruzalem. Voor hij inscheepte in Sète nam hij afscheid van vrouw en kind, die naar Brabant terugkeerden.

Op de terugweg raakte zijn schip gehavend in een storm en bracht het meerdere weken op zee door zonder veel voedsel of drank. Toen het eindelijk kon aanleggen op Zakynthos, een Griekse eiland, stierf Vesalius er op 15 oktober 1564 na een plotse ziekte, waarschijnlijk scheurbuik. Hij werd net geen 50.

Vesalius werd begraven in de lokale kerk Santa Maria delle Grazie. Zijn graf is echter nooit gevonden, wat leidde tot allerlei wilde speculaties.