“Het lam Gods” – Bourgondisch icoon

6 mei 1432, vandaag 587 jaar geleden, werd “De aanbidding van het Lam Gods” officieel geïnstalleerd in de Sint-Janskerk van Gent, die een eeuw later zou omgedoopt worden tot Sint-Baafskathedraal.

Retable_de_l'Agneau_mystiqueDat gebeurde in aanwezigheid van hertog Filips de Goede van Bourgondië, opdrachtgever Joos Vijd en zijn vrouw Elisabeth Borluut, alle edelen en leden van het Brugse stadsbestuur.

In het hoge gezelschap vertoefde zeker ook Jan van Eyck, de schilder van dit meesterwerk (foto).

De schilder-kunstenaar als bruggenbouwer tussen de elites van zijn tijd. Het ‘Lam Gods’ als een steeds grotere verstrengeling van stedelijke en aristocratische elites. Een evolutie die de Bourgondiërs vanaf hun intrede in de noordelijke contreien zo veel mogelijk hadden gestimuleerd.

Portrait_of_a_Man_by_Jan_van_EyckIn de afbeelding van het schaap kon hertog Filips niets anders zien dan een weerspiegeling van het lam, de gouden ram van de zopas opgerichte Orde van het Gulden Vlies, die hij om zijn nek droeg.

Vijd / Borluut waren er in 1420 als de kippen bij geweest toen besloten werd om de van oorsprong romaanse kerk om te werken naar gotiek. Zij zouden één van de vijf nieuwe straalkapellen financieren en het verfraaien met een meesterwerk. Voor het creëren van het grootste veelluik van de Lage Landen kozen ze voor de talentrijkste meesters van hun tijd.

Hubert van Eyck was de grootste naam in het gezelschap van schilders. Hij stierf helaas in 1426. Broer Jan nam de opdracht over, maar door andere opdrachten voor hertog Filips de Goede lagen de werkzaamheden een tijdlang stil.

Schilders van zijn kaliber werkten bovendien nooit alleen. Omdat er alleen bij voldoende daglicht kon geschilderd worden, liet Jan van Eyck zich omringen door een ploeg talentvolle schilders die zich de stijl van hun meester eigen hadden gemaakt.

Al de ons bekende meesterwerken van die ‘Vlaamse Primitieven’, zoals ze veel later werden genoemd, kwamen tot stand als privéopdracht. En waren voorbestemd om op te lossen in de tijd. De meeste van Jans opdrachten waren dus van vergankelijke aard. Feestdecors, muurschilderingen … werden nooit ontworpen voor de eeuwigheid.

Zoals gebruikelijk maakte Van Eyck als hofschilder wel dynastieke portretten. Jammer genoeg zijn die wellicht in de brand van het Paleis op de Koudenberg (1731) in Brussel gebleven.

(lees er alles over in ‘De Bourgondiërs van Bart Van Loo)

  • Dat “De aanbidding van het Lam Gods” nog bestaat,  mag eigenlijk een wonder heten. Het beroemde schilderij was liefst 13 maal voorwerp van misdaden allerlei. Daarvan herinneren we ons zeker de diefstal uit 1934 van ‘De rechtvaardige rechters’ en ‘Sint Jan de Doper’, een zijpaneel van het immense werk. Het paneel is nog steeds zoek.

Eric Geboers één jaar overleden

De vijfvoudige wereldkampioen Eric Geboers is vandaag 6 mei een jaar dood. Overleden in het koude water van een voormalige zandwinningsput toen hij zijn hondje van een gewisse verdrinkingsdood wou redden. Hoe onredelijk hard kon het lot toeslaan.

interviewevertsgeboerscover

5 augustus 1990, zijn 28ste verjaardag, werd niet alleen de absolute triomfdag van zijn carrière, maar ook de uiteindelijke bekroning van zijn loopbaan. De GP op de Citadel van Namen winnen en voor de vijfde keer wereldkampioen worden, waren zijn ultieme mikpunten in de motorsport.

Hij kon er nu ‘op een fatsoenlijke manier’ een eindpunt achter zetten, zoals men dat in de Kempen zegt. Elf jaren aan de top, met vijf wereldtitels als resultaat, hadden hem fysiek en vooral mentaal uitgeput. Tegen veel adviezen in hield hij zijn loopbaan voor bekeken.

“Dat was het dan, nu begin ik een ander leven”, besloot Eric later de avond met een nieuwe flikkering in de ogen, nadat hij op de Citadel de laatste bakworsten van de barbecuetractatie geserveerd had aan zijn beste vrienden.

Voor Eric Geboers gingen vanaf augustus 1988 reeds alle deuren open. Eric werd toen niet alleen “Sportman van het jaar” gekroond, maar hij kreeg ook de “Trofee voor sportverdienste”. Geen motorcrosser had hem dat ooit voorgedaan.

In de sporttop-52 van de 20ste eeuw kreeg Eric in België de 30ste plaats toegewezen. Net achter zwemfenomeen Fred Deburgghraeve, maar voor meerkamper Dailey Thompson en voor de legendarische autocoureur Manuel Fangio.

In bedoeld klassement was Eric Geboers bovendien de enige motorcrosser die voor een klassering in aanmerking kwam tussen de allergrootste sportvedetten van de afgelopen 100 jaar. Zijn vijf wereldtitels en het feit dat hij toen nog steeds de enige rijder was die wereldkampioen werd in alle drie de soloklassen, waren daar zeker niet vreemd aan.

Een tijdperk was ten einde. De herinnering aan elf fantastische crossjaren zijn gebleven bij zijn vele duizenden supporters. Rust in vrede, Eric.

(foto’s hierboven met Stefan Everts, Roger De Coster, broer Sylvain en mezelf)

NAPOLEON BONAPARTE, EEN BOON APART …

5 mei 1821, vandaag al 198 jaar geleden, blies Napoleon Bonaparte zijn laatste adem uit op het eiland St. Helena, waarnaar hij verbannen was na zijn smadelijk verlies in de Slag van Waterloo.

napoleonNapoleon werd geboren in Corsica (1769), werd in 1804 keizer (tiran) van Frankrijk, was een tijdlang heerser over een deel van Europa, maar … leed een eerste zwaar verlies in Rusland (1812) waardoor hij verbannen werd naar Elba. Hij kwam terug, her-organiseerde zijn leger, maar werd definitief verslagen in ons Waterloo (1815). Vijftien jaar later kon het huidige België ontstaan.

Napoleon is evenwel een begrip gebleven. Haast overal duikt zijn naam bij gelegenheid nog op. Te pas en te onpas. De jeugd herkent hem wellicht best in Napoleon games.

De echte Napoleon was een man van verregaande vernieuwingen. De invloed van de Franse revolutie (1789) en de verworvenheden die ze meebracht voor de culturen en de besturen van Europa waren groot en vaak van blijvend belang.

Ons Laakdal weet er van mee te spreken. Napoleon zorgde er immers voor dat Eindhoutham gefusioneerd werd met Eindhout in de nieuwe entiteit Eindhout. Die zou pas in 1977 verder gaan leven onder de gemeenschappelijke noemer Laakdal, samen met Veerle (Varendonk) en de twee Vorsten.

Er was evenwel nog veel meer. Napoleon organiseerde het prille vervoer en maakte dat men voortaan overal rechts reed in het continentale Europa (zonder Engeland). Het wegennet werd fors uitgebreid. Frankrijk kreeg zijn route nationale.

Oude lokale maten en gewichten werden vervangen door kilogram, meter en liter. De burgerlijke stand werd ingevoerd. Geboorten, huwelijken, echtscheidingen en overlijdens werden voortaan keurig geregistreerd.

Door de ‘Code Napoleon’ konden burgers huwen en scheiden zonder inmenging van de religieuze instellingen, aanvankelijk  van vooral de katholieke kerk. De meeste burgers huwden vanaf dan apart voor kerk en staat. Zoals nog steeds gebeurt.

Onderwijs en gezondheidszorg werden beter toegankelijk voor gewone burgers en de speciale voorrechten/privileges van geestelijkheid en aristocraten werden helemaal afgeschaft.

Napoleon was niet groot van gestalte, maar dat hinderde hem nauwelijks. ‘U mag dan wel wat langer zijn, maar niet zo groot als ik’, was één van befaamde lijfspreuken.

Meer weten ? ‘Napoleon’ van Bart Van Loo lezen. Ook auteur van ‘De Bourgondiërs’.

 

DE WINDMOLEN IN VEERLEDORP

Laatste Veerlese molenaar zou vandaag 107 geworden zijn .

Knipsel-dorpsmolen– foto genomen aan het eind van de jaren 1940.

– De dorpsmolen in al zijn glorie

– rechtsboven Georges , kortweg Jos , de laatste molenaar van Veerle .

 

LAAKDAL – Vroeger werd wel eens lacherig gezegd dat de pastoor in zijn kerktoren en de mulder op zijn windmolen de hoogstgeplaatste heren van de gemeente waren . Het leven was traag en zag er idyllisch uit . De opkomende welvaart in de jaren 1950 en 1960 veranderde dat beeld helemaal . Zekerheden van honderden jaren oud uit veranderden in een oogwenk . De moderne tijden waren niet meer te stuiten . Alleen de nostalgie is gebleven .
Boven in de grote balk van het zware houten molengeraamte kon je duidelijk de datum 1798 lezen . In dat jaar werd de Dorpsmolen door de Franse revolutionairen onafhankelijk gemaakt van herenrechten en verkocht aan ene Joannes Verboven met de last om 2600 zakken graan per jaar te malen .

jos vd meulderGeorges (Jos) Vervloet , de laatste molenaar van Veerle , zou vandaag 20 januari precies 107 geworden zijn ware het niet dat hij 37 jaar geleden de strijd verloor tegen twee fel aangetaste stoflongen en een zwak hart . Echt gezond was malen in die tijd niet in een voortdurende stoffige omgeving zonder afzuigsystemen .

20 januari is toevallig ook de dag waarop de nieuwe president van de VS om de vier jaar zijn plechtige ambtsaanvaarding, zeg maar inauguratie, aflegt . Donald Trump , de 45ste president , deed dat in 2017 . Georges heeft dat nooit geweten . Zijn belevingswereld reikte nog lang niet tot in Amerika . Hij stierf in 1982 op de zonnige zondag 6 juni , D-day in 1945 die het einde van de tweede wereldoorlog een definitief elan gaf .

Georges was de jongste van de molenaarsfamilie Vervloet die omstreeks het midden van de 19de eeuw eigenaar werd van de Dorpsmolen aan de Tessenderloseweg .
Vader Victor stierf in 1916 op zijn 48ste aan een hartinfarct . ‘Iets gekregen’ , was toen de simpele uitleg voor zulk indringend feit . Moeder Marie bleef achter met 4 kinderen . Sociale uitkeringen waren er niet . Het werd dus hard werken om brood op de plank te krijgen .

Molenaars vanaf 12

Jef , de oudste zoon , verhuisde van de ene dag op de andere van de schoolbanken naar de molen . Hij kende al iets van de stiel maar gelukkig was er molenaar Loffens uit Eindhout om hem helemaal in te wijden in zijn toekomstige broodwinning . De beide families werden en bleven daardoor heel erg goed bevriend .
Georges , de jongste , was pas 4 toen vader stierf . Op zijn 12de verkaste ook hij op zijn beurt van de school naar de molen . Van dan af gingen Jef en Jos door het leven met de firmanaam ‘Gebroeders Vervloet’ .
Werken op een windmolen ziet er idyllisch uit , maar was het niet . Een molen hangt immers helemaal af van de natuurelementen en die willen weleens grillig zijn . Een windmolen kan niet zonder wind . Als die het overdag laat afweten en ‘s nachts pas begint te blazen kan je je nachtrust wel vergeten .

In de zomer geen probleem , wel in de winter wanneer de zeilen eerst moesten losgemaakt worden met emmers kokend water en je constant je handen moest warmen aan het versgemalen, warme meel . In de zomer maalde je met de deuren wijd open , maar als de koude kwam , was die deur de enige bescherming tegen de natuurelementen . Verwarming was er , buiten dat heerlijk warme meel , niet . Meelstof des te meer.

molenDe windmolen is actief geweest tot 1953. Dan namen de elektrische molen op de Heide (foto l) en de dieselmotor in de schaduw van de windmolen zijn plaats definitief in .

P1010101

Bokrijk ? Fermettes !

De windmolen kon in 1955 naar Bokrijk , maar Jef verzette zich fel . Hij kon zijn houten monster niet missen . Jef overleed echter al in 1960 , de molen sneuvelde een eerloze dood in 1965 (foto r) en zou de volgende jaren in verkapte vormen voortleven in talloze fermettes die het symbool waren van een ‘zekere rijkdom’ in de zestiger jaren . Het molentijdperk was definitief afgesloten .
Het oude molenhuis en de nieuwere (1949) maalderij geven tegenwoordig mee woongelegenheid aan 12 families in de nieuwe sociale woonwijk aan de Tessenderloseweg .

Niets herinnert er echter nog aan de windmolen van weleer . De molen leeft alleen nog verder in de herinnering van de oudere generatie die destijds , tussen het wachten op de gemalen zakken door , de nieuwtjes uit het dorp aan elkaar vertelde onder de molentrap .

Onderstaand versje vond ik nog ergens in een oud en stoffig boekje. Ik kon niet nalaten om het hier af te drukken.

De Maalder

Zie den maalder , wit bestoven , boven op den molen staan , blozend als een kriek en gezond als een blieksken .
Hoort hoe welgezind hij zijn lustig deuntje zingt .
De wind zit goed , de maalder verdient zijn brood : want ieder boerken zendt hem graan omdat hij zijn stiel zo goed kent .
Hij is gewend aan het zakken dragen en lijdt er niet onder .
Hij laadt ze op de kar of op den wagen en de boer rijdt er blijgezind mede weg .
”Dag maalder .”
“Dag boerken , tot later zoo God het wil en wel smake het brood .”
Werken is gezond en ‘t is daarbij plezant voor die het gaarne doen .

Ludovicus V. 1843

Toegift

De oudste molen van deelgemeente Veerle, een watermolen bevond zich ca 1350 op de oevers van de Grote Laak op de grens met Vorst. Besauwen heette toen de plaats die wij nu nog steeds ‘de brug’ noemen.

Een andere watermolen lag in Blaardonk langs diezelfde Laak en was eigendom van de abdij van Averbode.

Toen die laatste ook helemaal vervallen was, werd in Haanven in 1723 een windmolen opgericht door de abdij. Adriaan Meeus was de eerste molenaar. De laatste was Jan-Baptist Onsea.

 

13 december FEEST VAN SINT LUCIA

Al duizenden jaren wordt de winterwende in vele culturen op het noordelijk halfrond gevierd als het feest van het licht dat na een periode van duisternis als het ware rechtsomkeert maakt . Tegen alle weerwil in begint de protestantse winter vandaag 13 dec. De echte winterwende valt evenwel pas volgende week op 21 dec (ipv 13 dec) , de  kortste dag van het jaar én de start van de astronomische winter.

file-768x512lucia-zweden

Het feest van Sint Lucia (licht) wordt gevierd op 13 december in de Skandinavische Joeltijd (onze kersttijd) . Acht dagen te vroeg weliswaar , maar so what ?

Schuld van de foute viering is natuurlijk de Juliaanse kalender . Geen Lutheriaanse Noor , Zweed , Deen en Fin  die zich daaraan echter stoort . De dagen zijn nu al zo donker dat  het maken van veel licht in al zijn gedaanten (lampen , kaarsen , vuur …) meer dan gewettigd is . De aanhangers van Luther nemen het niet zo nauw met 13 of 21.

De correctie van deze foute telling van Julius Cesar (die zelf de Egyptische kalender verbeterde ) werd reeds ingevoerd in 1582 . Het Juliaanse tijdstip werd evenwel nog zeer lang op het platteland gebruikt . Schuld van de archi-slechte nieuwsgaring in die tijden .

Nieuws werd destijds immers nog niet digitaal verspreid . Kranten en tijdschriften , tv en radio waren er evenmin . Steden van enige grootte hadden zelfs hun eigen tijd . Maar dat is dan weer een ander verhaal .

lucia1

Al in de middeleeuwen werd Lucia ook vereerd als patrones van oogziekten en opticiens . Men stelt haar voor met twee ogen op de hand of op een schotel .

Lucia’s naam is dus synoniem van lux of licht . In Zweden delen de meisjes die Lucia heten vandaag 13 december goede gaven uit en dragen ze een kaarsenkrans (zie foto) .

Ook wordt Lucia vereerd als patrones van de huiselijke arbeid . Op de avond voor haar naamdag lieten de meisjes van destijds het spinnewiel rusten . Deden ze het niet dan zou het vlas de volgende morgen vuil en verward zijn .

In de Kalevala , het heldenepos van de Finnen is er zo’n vrouwenfiguur . Van het meisje op de Pohjahoeve wordt gezegd dat zij een verbond had gesloten met de zon . Beiden zouden ’s morgens tegelijk opstaan , maar ’t vlugge deerntje was altijd de eerste . Als de zon verrees had ze al 6 schapen geschoren , de wol tot garen gesponnen en er een kleed van geweven .

De Oud-Germanen lieten eveneens op 13 december de winter beginnen .

Op het Nederlandse eiland Texel viert men op 12 december nog steeds Sinterklaas . In feite is dat het Sint Luciafeest van Scandinavië , het lichtfeest .

In Tirol geeft Sint Lucia geschenken aan de meisjes en Sint Nicolaas aan de jongens . Het feest van St. Lucia wordt er op 15 december gevierd . Die avond gaat iedereen tijdig slapen want wie tijdens die nacht werkt , vindt al zijn werk helemaal ongedaan gemaakt in de morgen .

Hier en daar wordt nog geloofd dat in de St. Lucianacht elke mens in gevaar is , vooral als het die avond stormt . Na het avondgebed houdt het hele gezin daarom een ommegang door kamers en stallen en de vader smeekt herhaaldelijk : ‘Bescherm ons voor toverij , heilige Lucie , tot ik morgen vroeg opsta .’ Dit ging gepaard met wierook . Als alles uitgerookt was , ging men slapen . Men vergat ook niet om het bed in te stappen met de linkervoet en een kruis in de lucht te maken zodat de heksen het bed niet zouden naderen .

Ook bij ons kende men het gezegde : “Sinte Lucije laat de dagen dijen = langer worden“.

1280px-Tessenderlo_-_Sint-Luciakerk-768x576

 

 

In onze contreien is Sint Lucia minder goed bekend . Toch dragen de kerken en de parochies van Engsbergen (Tessenderlo) en Oosterlo (Geel) haar naam .

THIJS LODEWYCKX JUNIOR JOURNALIST

Met de wedstrijd ‘Junior Journalist’ werd vrijdagavond 18u de tweedaagse Laakdalse boekenbeurs van de jubilerende Davidsfondskring besloten.

Voor de journalistenwedstrijd werden 18 klassen aangesproken. Slechts 9 gaven een positief antwoord. Algemeen winnaar werd Thijs Lodewyckx van De Wijngaard 6B. Hij mag doorstoten naar de provinciale top, hopelijk ook naar de nationale.

In bijlage de foto’s van vijf lagere schoolkinderen die hun werk mochten lezen voor de microfoon. Een aantal gaf verstek in deze vakantieweek.

sized_DSC_0112 sized_DSC_0116 sized_DSC_0120 sized_DSC_0122 sized_DSC_0124 sized_DSC_0126

DE PROCESSIE GING WEER UIT

Het al of niet uittrekken van de processie in Veerle op 15 augustus hangt helemaal af van de weersomstandigheden. Vorige week nog werd gevreesd voor een mogelijke hitte, dit keer voor mogelijk slecht weer.

Het was vandaag gelukkig niet echt heet en het bleef droog, alleen een beetje donker, maar men waagde het erop.

Wat meteen opviel bij de samenstelling van de stoet aan de kerk was de kleine bezetting. Merkelijk minder dan vorige jaren toen de halfoogstprocessie nog eens uittrok. Ook op Wijngaardbos waren minder gelovigen dan gewoonlijk komen opdagen.

Laat ons later uitzoeken wat de oorzaken waren en een beetje genieten van wat er wel was.

(sized foto’s) – kijk ook naar de originelen op Facebook ludo vervloet –

sized_DSC_0234 sized_DSC_0236 sized_DSC_0238 sized_DSC_0247 sized_DSC_0249 sized_DSC_0250 sized_DSC_0251 sized_DSC_0252 sized_DSC_0253 sized_DSC_0255 sized_DSC_0260 sized_DSC_0261 sized_DSC_0262 sized_DSC_0270 sized_DSC_0275 sized_DSC_0283 sized_DSC_0286 sized_DSC_0289 sized_DSC_0294 sized_DSC_0297 sized_DSC_0308 sized_DSC_0311

ERIC GEBOERS BESTE MOTORCROSSER VAN DE 20STE EEUW

Eric Geboers is meer dan een week dood. Overleden in het koude water van een voormalige zandwinningsput toen hij zijn hondje van een gewisse verdrinkingsdood wou redden. Hoe hard en onredelijk kan het lot toeslaan. Gisteren dinsdag 15 mei mocht het publiek een laatste groet aan hem brengen. Vandaag woensdag was er de begrafenis in intieme kring.

In de sporttop-52 van de 20ste eeuw kreeg Eric in België de 30ste plaats toegewezen. Net achter zwemfenomeen Fred Deburgghraeve, maar voor meerkamper Dailey Thompson en voor de legendarische autocoureur Manuel Fangio. In bedoeld klassement was Eric Geboers bovendien de enige motorcrosser die voor een klassering in aanmerking kwam tussen de allergrootste sportvedetten van de afgelopen 100 jaar. Zijn vijf wereldtitels en het feit dat hij toen nog steeds de enige rijder was die wereldkampioen werd in alle drie de soloklassen, waren daar zeker niet vreemd aan.

sept-okt 2009 094-1sept-okt 2009 275

5 augustus 2018 zou Eric Geboers 56 worden . Na een mislukt uitstapje in de wereld van helikopters  en co werd “The Kid” van weleer, samen met grote broer Sylvain , teammanager van de Suzuki GP ploeg.  En  zat hij opnieuw waar hij echt thuishoorde, in de motorcross. Een wereld die hij door en door kende.

Hieronder één van de vele interviews die ik met hem mocht maken als voorbereiding van mijn boek “Eric-the Kid-Geboers” dat midden december 1990 werd voorgesteld tijdens de Hardcross in het Sportpaleis van Antwerpen. Het boek is niet meer te koop wegens uitgeput en niet herdrukt .

  • Tien jaar lang scheerde Eric de hoogste toppen, maar gaf hij er op zijn 28ste plots de brui aan. Mentaal helemaal leeg. In de sportwereld op topniveau is er geen plaats voor een stapje opzij. Presteren en nog eens presteren moet er gedaan worden en dat vreet aan een mens. “Ik heb nog steeds geen sikkepit spijt over die beslissing van toen”, bekende  Eric toen en onlangs nog.

De titel “Mister 875”, een simpele optelling van 125+250+500, in zijn tijd de drie soloklassen van de motorcross, kreeg de jongste van de broers Geboers al in 1988 opgespeld. Toen werd hij voor de eerste maal wereldkampioen 500cc. Eerder had hij ook al titels behaald in 125 en 250cc.

Zijn prestigieus record werd pas in het nieuwe millennium door Stefan Everts geëvenaard en ruim verbeterd. Stefan werd niet alleen de tweede “Mister 875” ooit,  maar won ook nog eens 101 GP’s en 10 wereldtitels. Daarmee verpulverde ‘The Legend’ alle bestaande records. Eric Geboers had er geen moeite mee om dat te erkennen. Stefan is de beste, zei hij vaak,de allerbeste.

th.2jpg th3

  • Eric Geboers was de man van de korte, felle carrière. In een minimum van tijd won hij bijna alles wat er te winnen was. Zijn palmares blijft weergaloos.
    In ’79 maakte Eric zijn WK-debuut, in ’90 besloot hij definitief met crossen te stoppen. Exact 28 jaar jong.
    In die periode van elf jaar won Eric twee wereldtitels in 125cc, één in 250cc en nog twee in 500cc. In totaal reed hij 119 GP’s. Daarvan won hij er 39. Eric won ook 74 GP-reeksen.

Training als wetenschap

De jongste van de broers Geboers was niet alleen een begenadigde motorcrosser, Eric gaat ook de geschiedenis in als de man die het crossvolk leerde trainen. Training, gebaseerd op wetenschap.

th-1-223x300Eric: “Toen ik mijn carrière begon, was er van training nauwelijks sprake. Iedereen deed wel wat, daar niet van, maar het was natte vingerwerk. Op tijd en stond een stevig stuk vlees tussen de tanden en dan maar rondjes gaan malen tot je tong over je stuur hing. Meer stelde het niet voor. Ik had al snel door dat het anders kon, anders moest.
Stevig onderbouwde schema’s, controle van de hartslag en lactaat testen zijn nu gelukkig alom aan de orde.”
“In de laatste jaren van mijn carrière heb ik omzeggens altijd zonder motor getraind. Ik moest het hebben van loop- en krachttraining, puur fysiek dus. Pas in het weekend zag ik mijn motor terug. De aanblik ervan zorgde telkens weer voor een forse adrenalinestoot, als een haan die zijn kippen terugziet. Die kicks deden het.”

Een prima voorbereiding is nog steeds de beste garantie om het lichaam gaaf te houden. In totaal liep Geboers “maar” 13 breuken op.

“Kleine breuken dan nog”, relativeerde Eric meteen. “Hand, pols, duim, knie, maar geen been- of armbreuken. Voor de Antwerpse Hardcross ’90, gepland als de laatste wedstrijd uit mijn carrière, heb ik verstek gegeven omdat ik in de supercross van Paris-Bercy een sleutelbeen brak. Zo zie je maar dat je altijd alert moet zijn als je deze sport beoefent, zelfs tot op de absolute slotdag toe.”

  • Wat waren je voornaamste eigenschappen?

Eric:“Ik denk dat ik een flinke hoeveelheid aangeboren talent had. Ook van mijn eerder kleine gestalte had ik meer voordeel dan nadeel. Ik ben tussen motoren opgegroeid. Vader verkocht auto’s, later scooters en brommers. In zijn jonge jaren was hij amateurcrosser. Logisch toch dat zijn zonen dat ook gingen doen. Ik werd 5 augustus ’62 geboren, mijn oudste broer Sylvain won op dat ogenblik een nevenwedstrijd van de Belgische GP in Namen.”
“In het werkhuis van vader stond altijd wel een Mobyletteke ergens verloren in een hoek. En vermits de Keiheuvel vlakbij de deur lag, en er van groene jongens nog geen sprake was… Op dergelijke spullen heb ik mijn technische bagage verworven.”

Harry Everts, die in 1980 in het Suzukiteam van Sylvain reed, volgde van dichtbij het GP-debuut van Eric in het WK.

mx history day (58)Harry:“In Hechtel viel hij net naast het podium, maar Rinaldi, Velkeneers en ik wisten meteen dat we er een klant hadden bij gekregen. Ik had daar geen problemen mee. Ik wist al eerder dat Eric ons op een dag ging overtroeven, want ik zag hem dag na dag progressie maken. Eric werd meteen vierde in zijn eerste internationale Grote Prijs. Een paar weken later won hij zijn eerste GP. In zijn eerste WK werd hij derde in de eindstand. Lang niet slecht voor een debutant die bovendien verstek diende te geven voor de eerste twee GP’s.”

  • Hoezo?

Eric:” In die tijd moest je 18 zijn om te mogen deelnemen aan het WK. Na de GP van Oostenrijk vernam Sylvain echter dat de 17-jarige Guy Van Gijseghem, die goede connecties had met bondsvoorzitter Bruneel, er zijn debuut had gemaakt. Bruneel had weet van de plotse verlaging van de leeftijdsgrens naar 16, terwijl wij door de BMB in het ongewisse werden gelaten. Jammer toch, want ik won dat jaar de GP’s van Frankrijk, Duitsland en Tsjecho-Slowakije. Er zat toen echt meer in dan de derde plaats ,misschien de eerste wel.”

Eric was ook een echte lefgozer. In het uitdagen van zijn concurrenten balanceerde hij vaak op het randje van het toelaatbare. Zoals tijdens die bewuste paastrofee van ’83.

mx history day (29)Eric:”Het weer was slecht tijdens de tweede dag in Leuven. De mensen stonden nat en verkleumd achter de omheining. Bovendien was de fut uit de trofeekoers, want ik had de eindwinst na de tweede Brabantse reeks al binnen. Voor de laatste reeks kwam ik niet meteen opdagen. Pas toen de jongens al goed anderhalve minuut over de slijkbaan laveerden, begon ik eraan en werd nog tweede in die reeks. De mensen juichten en vergaten hun nat pak. Met zulke acties wou ik de collega’s echt niet belachelijk maken, hoor. De uitdaging om het onmogelijke toch mogelijk te maken was gewoon sterker dan mezelf. Ik heb vaker dergelijke dingen uitgevreten. Ja, ik was een “adrenalinejunk”. Ik had die shots nodig om plezier te blijven hebben van mijn vak.”

In 1984 verkaste Eric van 125 naar 500cc en van Suzuki naar Honda.

Eric:”Suzuki hield er eind ’83 mee op, ik moest dus wel verhuizen. De overstap van 125cc naar 500cc en van de vertrouwde Suzuki naar de totaal andere Honda bleek echter te groot. Het heeft echt veel tijd gekost om me aan te passen. Het motorkarakter van de Honda was helemaal anders dan dat van de Suzuki en ook aan mijn nieuwe rijstijl heb ik jaren moeten werken.”

1984, ’85 en ’86 werden de jaren van Malherbe en Thorpe.

Omdat 500cc in het midden van de jaren 1980 de absolute koningsklasse was, maar Honda ook een doorbraak in 250cc wou forceren, werd Eric Geboers door zijn toenmalige teamboss Steve Whitelock doorverwezen naar de middencategorie. Aanvankelijk zeer tegen zijn zin, maar de argumentatie van de Amerikaan deed het ‘m uiteindelijk toch.

Eric:”Steve, de man die me de nickname Kid bezorgde omdat ik maar 1m68 groot ben, argumenteerde dat het ogenblik bijzonder gunstig was om de kwartlitertitel te pakken. Daarna zou ik meteen mogen terugkeren naar 500cc om opnieuw wereldkampioen te worden. Daarmee zou ik de eerste worden die de drie titels op zijn naam kon schrijven, de eerste “mister 875″. Steve kon me overtuigen om die stap te zetten… 250cc werd echter geen gemakkelijk WK, maar er was geen excuus voorhanden om de titel niet te winnen. Uiteindelijk won ik hem en dat gaf een enorme voldoening. Voor mij en voor Honda.”

  • Meteen bingo

Eric:”Een jaar later won ik ook de 500cc-titel. Uitgerekend in Namen. Zonder er een reeks of de GP te winnen. Dat deed de Zweed Hakan Carlqvist. Na afloop van de eerste reeks had ik evenwel voldoende punten vergaard om de nieuwe wereldkampioen te zijn. Op slag werd ik ook de eerste “Mister 875″. Het feest achteraf was navenant.”

Ook Jobé ging dat jaar voor dezelfde bekroning. Jobé, reeds tweemaal wereldkampioen 250cc en eenmaal 500cc, koos in 1988 voor de 125cc-categorie. De Luikenaar bleek evenwel geen partij voor JM Bayle en Co.Hij ging af als een gieter.

th.1jpg

  • Rise and fall

Voor Eric Geboers gingen vanaf augustus 1988 alle deuren open. Eric werd niet alleen “Sportman van het jaar” gekroond, maar hij kreeg ook de “Trofee voor sportverdienste”. Geen motorcrosser had hem dat ooit voorgedaan.

Voor Geboers werd 1989 het jaar van de terugval. De motivatie was weg. Eric had zowat alles gewonnen wat er te winnen viel. Ook persoonlijke problemen en verkeerde technische keuzes lagen toen aan de basis van zijn verlies tegen Dave Thorpe en Jeff Leisk.

mx history day (61)Eric:”Zeg maar dat ik het na tien jaar top cross niet meer kon opbrengen om nog te trainen. Zelfs winnen deed me nog nauwelijks wat. Op het podium kreeg ik geen brok meer in de keel wanneer mijn naam gescandeerd werd. Ik wist toen dat het behoorlijk fout zat, maar ik deed er niks aan. Erger nog, vaak had ik het gevoel dat ik nog teveel kreeg in verhouding tot de geleverde inspanningen. Ook ‘Eric Geboers Events’, mijn bedrijf in sportpromotie, stond toen in de steigers. Ik voelde dat de commercie de motorcross naar de tweede plaats had verdrongen. Begin 1990 werd ‘EG Events’ officieel boven de doopvont gehouden in het Antwerpse Provinciehuis.”

  • Nog één keer

Maar Eric Geboers was er de man niet naar om ongemerkt van het crosstoneel te verdwijnen.

Eric:“Ik wou nog één keer schitteren en dan afscheid nemen op het toppunt van mijn kunnen. Daarvoor had ik nieuwe uitdagingen nodig.”

En die vond hij.

Eric:“De triatlonploeg, die ik vanaf 1990 onder mijn hoede nam, bracht opnieuw orde en regelmaat in mijn leven. Als fanaat van harde duurtrainingen kon ik niet beter aan mijn trekken komen dan bij deze jongens en meisjes. Zij waren nog fanatieker met hun sport bezig dan ik met de mijne. Het werd een enige ervaring.
Tien jaar lang had ik het tempo aangegeven tijdens mijn trainingen, nu moest ik achter deze bende aan. Ik liep, zwom en fietste mij dagelijks haast een beroerte. De sportmedische begeleiding deed de rest. Nog voor het crossseizoen van start ging, wist ik dat niemand mij van een vijfde wereldtitel zou houden. Mijn carrière moest eindigen in schoonheid.”

  • Orgelpunt

En dat gebeurde ook. In zijn laatste jaar won Eric de GP’s van Finland, Italië, Engeland, San Marino, België en de VS.

5 augustus 1990, zijn 28ste verjaardag, won hij voor het eerst de Belgische GP op de Naamse Citadel  en werd hij ook voor de vijfde keer wereldkampioen. Het laatste hiaat in zijn weergaloos palmares was opgevuld.

Eric:”5 augustus 1990, mijn 28ste verjaardag, werd niet alleen de absolute triomfdag van mijn carrière, maar ook de uiteindelijke bekroning van mijn loopbaan. Ik kon er nu op een fatsoenlijke manier een eindpunt achter zetten, zoals men dat in de Kempen zegt. Ik geloof niet dat iemand me dat op die manier heeft voorgedaan.

“Dat was het dan, nu begin ik een ander leven”, besloot Eric later de avond met een nieuwe flikkering in de ogen, nadat hij op de Naamse Citadel de laatste bakworsten van de barbecuetractatie geserveerd had aan zijn beste vrienden.

Een tijdperk was ten einde. De herinnering aan elf fantastische crossjaren zijn gebleven bij zijn vele duizenden supporters. Rust in vrede, Eric.

-ludo vervloet-

 

Op de uitvaartplechtigheid van Eric waren geen media en publiek toegelaten. Een bevriende fotograaf maakte tijdens de begrafenis beelden.
32837472_10156365197171100_3723996967894777856_n 32924372_10156365195911100_5818502731169529856_n 32917086_10156365195346100_5224111976463990784_n 32780099_10156365196171100_1562907258638041088_n 32972194_10156365196361100_8156667482409533440_n 32854789_10156365195436100_463062882565750784_n32928287_10156365196996100_1428511169236172800_n 32968133_10156365195576100_422131612306636800_n32535046_10156359316071100_3576295147119312896_n 32873711_10156365196616100_5989935053709246464_n

Dinsdag 15 mei was iedereen welkom voor een laatste groet van 19 uur tot 21 uur in de cafetaria van het motorcrossparcours in de Marie Curiestraat 24 in Lommel. Meer dan 2.000 rouwenden daagden op.

1 42 43 44