ERIC GEBOERS BESTE MOTORCROSSER VAN DE 20STE EEUW

Eric Geboers is meer dan een week dood. Overleden in het koude water van een voormalige zandwinningsput toen hij zijn hondje van een gewisse verdrinkingsdood wou redden. Hoe hard en onredelijk kan het lot toeslaan. Gisteren dinsdag 15 mei mocht het publiek een laatste groet aan hem brengen. Vandaag woensdag was er de begrafenis in intieme kring.

In de sporttop-52 van de 20ste eeuw kreeg Eric in België de 30ste plaats toegewezen. Net achter zwemfenomeen Fred Deburgghraeve, maar voor meerkamper Dailey Thompson en voor de legendarische autocoureur Manuel Fangio. In bedoeld klassement was Eric Geboers bovendien de enige motorcrosser die voor een klassering in aanmerking kwam tussen de allergrootste sportvedetten van de afgelopen 100 jaar. Zijn vijf wereldtitels en het feit dat hij toen nog steeds de enige rijder was die wereldkampioen werd in alle drie de soloklassen, waren daar zeker niet vreemd aan.

sept-okt 2009 094-1sept-okt 2009 275

5 augustus 2018 zou Eric Geboers 56 worden . Na een mislukt uitstapje in de wereld van helikopters  en co werd “The Kid” van weleer, samen met grote broer Sylvain , teammanager van de Suzuki GP ploeg.  En  zat hij opnieuw waar hij echt thuishoorde, in de motorcross. Een wereld die hij door en door kende.

Hieronder één van de vele interviews die ik met hem mocht maken als voorbereiding van mijn boek “Eric-the Kid-Geboers” dat midden december 1990 werd voorgesteld tijdens de Hardcross in het Sportpaleis van Antwerpen. Het boek is niet meer te koop wegens uitgeput en niet herdrukt .

  • Tien jaar lang scheerde Eric de hoogste toppen, maar gaf hij er op zijn 28ste plots de brui aan. Mentaal helemaal leeg. In de sportwereld op topniveau is er geen plaats voor een stapje opzij. Presteren en nog eens presteren moet er gedaan worden en dat vreet aan een mens. “Ik heb nog steeds geen sikkepit spijt over die beslissing van toen”, bekende  Eric toen en onlangs nog.

De titel “Mister 875”, een simpele optelling van 125+250+500, in zijn tijd de drie soloklassen van de motorcross, kreeg de jongste van de broers Geboers al in 1988 opgespeld. Toen werd hij voor de eerste maal wereldkampioen 500cc. Eerder had hij ook al titels behaald in 125 en 250cc.

Zijn prestigieus record werd pas in het nieuwe millennium door Stefan Everts geëvenaard en ruim verbeterd. Stefan werd niet alleen de tweede “Mister 875” ooit,  maar won ook nog eens 101 GP’s en 10 wereldtitels. Daarmee verpulverde ‘The Legend’ alle bestaande records. Eric Geboers had er geen moeite mee om dat te erkennen. Stefan is de beste, zei hij vaak,de allerbeste.

th.2jpg th3

  • Eric Geboers was de man van de korte, felle carrière. In een minimum van tijd won hij bijna alles wat er te winnen was. Zijn palmares blijft weergaloos.
    In ’79 maakte Eric zijn WK-debuut, in ’90 besloot hij definitief met crossen te stoppen. Exact 28 jaar jong.
    In die periode van elf jaar won Eric twee wereldtitels in 125cc, één in 250cc en nog twee in 500cc. In totaal reed hij 119 GP’s. Daarvan won hij er 39. Eric won ook 74 GP-reeksen.

Training als wetenschap

De jongste van de broers Geboers was niet alleen een begenadigde motorcrosser, Eric gaat ook de geschiedenis in als de man die het crossvolk leerde trainen. Training, gebaseerd op wetenschap.

th-1-223x300Eric: “Toen ik mijn carrière begon, was er van training nauwelijks sprake. Iedereen deed wel wat, daar niet van, maar het was natte vingerwerk. Op tijd en stond een stevig stuk vlees tussen de tanden en dan maar rondjes gaan malen tot je tong over je stuur hing. Meer stelde het niet voor. Ik had al snel door dat het anders kon, anders moest.
Stevig onderbouwde schema’s, controle van de hartslag en lactaat testen zijn nu gelukkig alom aan de orde.”
“In de laatste jaren van mijn carrière heb ik omzeggens altijd zonder motor getraind. Ik moest het hebben van loop- en krachttraining, puur fysiek dus. Pas in het weekend zag ik mijn motor terug. De aanblik ervan zorgde telkens weer voor een forse adrenalinestoot, als een haan die zijn kippen terugziet. Die kicks deden het.”

Een prima voorbereiding is nog steeds de beste garantie om het lichaam gaaf te houden. In totaal liep Geboers “maar” 13 breuken op.

“Kleine breuken dan nog”, relativeerde Eric meteen. “Hand, pols, duim, knie, maar geen been- of armbreuken. Voor de Antwerpse Hardcross ’90, gepland als de laatste wedstrijd uit mijn carrière, heb ik verstek gegeven omdat ik in de supercross van Paris-Bercy een sleutelbeen brak. Zo zie je maar dat je altijd alert moet zijn als je deze sport beoefent, zelfs tot op de absolute slotdag toe.”

  • Wat waren je voornaamste eigenschappen?

Eric:“Ik denk dat ik een flinke hoeveelheid aangeboren talent had. Ook van mijn eerder kleine gestalte had ik meer voordeel dan nadeel. Ik ben tussen motoren opgegroeid. Vader verkocht auto’s, later scooters en brommers. In zijn jonge jaren was hij amateurcrosser. Logisch toch dat zijn zonen dat ook gingen doen. Ik werd 5 augustus ’62 geboren, mijn oudste broer Sylvain won op dat ogenblik een nevenwedstrijd van de Belgische GP in Namen.”
“In het werkhuis van vader stond altijd wel een Mobyletteke ergens verloren in een hoek. En vermits de Keiheuvel vlakbij de deur lag, en er van groene jongens nog geen sprake was… Op dergelijke spullen heb ik mijn technische bagage verworven.”

Harry Everts, die in 1980 in het Suzukiteam van Sylvain reed, volgde van dichtbij het GP-debuut van Eric in het WK.

mx history day (58)Harry:“In Hechtel viel hij net naast het podium, maar Rinaldi, Velkeneers en ik wisten meteen dat we er een klant hadden bij gekregen. Ik had daar geen problemen mee. Ik wist al eerder dat Eric ons op een dag ging overtroeven, want ik zag hem dag na dag progressie maken. Eric werd meteen vierde in zijn eerste internationale Grote Prijs. Een paar weken later won hij zijn eerste GP. In zijn eerste WK werd hij derde in de eindstand. Lang niet slecht voor een debutant die bovendien verstek diende te geven voor de eerste twee GP’s.”

  • Hoezo?

Eric:” In die tijd moest je 18 zijn om te mogen deelnemen aan het WK. Na de GP van Oostenrijk vernam Sylvain echter dat de 17-jarige Guy Van Gijseghem, die goede connecties had met bondsvoorzitter Bruneel, er zijn debuut had gemaakt. Bruneel had weet van de plotse verlaging van de leeftijdsgrens naar 16, terwijl wij door de BMB in het ongewisse werden gelaten. Jammer toch, want ik won dat jaar de GP’s van Frankrijk, Duitsland en Tsjecho-Slowakije. Er zat toen echt meer in dan de derde plaats ,misschien de eerste wel.”

Eric was ook een echte lefgozer. In het uitdagen van zijn concurrenten balanceerde hij vaak op het randje van het toelaatbare. Zoals tijdens die bewuste paastrofee van ’83.

mx history day (29)Eric:”Het weer was slecht tijdens de tweede dag in Leuven. De mensen stonden nat en verkleumd achter de omheining. Bovendien was de fut uit de trofeekoers, want ik had de eindwinst na de tweede Brabantse reeks al binnen. Voor de laatste reeks kwam ik niet meteen opdagen. Pas toen de jongens al goed anderhalve minuut over de slijkbaan laveerden, begon ik eraan en werd nog tweede in die reeks. De mensen juichten en vergaten hun nat pak. Met zulke acties wou ik de collega’s echt niet belachelijk maken, hoor. De uitdaging om het onmogelijke toch mogelijk te maken was gewoon sterker dan mezelf. Ik heb vaker dergelijke dingen uitgevreten. Ja, ik was een “adrenalinejunk”. Ik had die shots nodig om plezier te blijven hebben van mijn vak.”

In 1984 verkaste Eric van 125 naar 500cc en van Suzuki naar Honda.

Eric:”Suzuki hield er eind ’83 mee op, ik moest dus wel verhuizen. De overstap van 125cc naar 500cc en van de vertrouwde Suzuki naar de totaal andere Honda bleek echter te groot. Het heeft echt veel tijd gekost om me aan te passen. Het motorkarakter van de Honda was helemaal anders dan dat van de Suzuki en ook aan mijn nieuwe rijstijl heb ik jaren moeten werken.”

1984, ’85 en ’86 werden de jaren van Malherbe en Thorpe.

Omdat 500cc in het midden van de jaren 1980 de absolute koningsklasse was, maar Honda ook een doorbraak in 250cc wou forceren, werd Eric Geboers door zijn toenmalige teamboss Steve Whitelock doorverwezen naar de middencategorie. Aanvankelijk zeer tegen zijn zin, maar de argumentatie van de Amerikaan deed het ‘m uiteindelijk toch.

Eric:”Steve, de man die me de nickname Kid bezorgde omdat ik maar 1m68 groot ben, argumenteerde dat het ogenblik bijzonder gunstig was om de kwartlitertitel te pakken. Daarna zou ik meteen mogen terugkeren naar 500cc om opnieuw wereldkampioen te worden. Daarmee zou ik de eerste worden die de drie titels op zijn naam kon schrijven, de eerste “mister 875″. Steve kon me overtuigen om die stap te zetten… 250cc werd echter geen gemakkelijk WK, maar er was geen excuus voorhanden om de titel niet te winnen. Uiteindelijk won ik hem en dat gaf een enorme voldoening. Voor mij en voor Honda.”

  • Meteen bingo

Eric:”Een jaar later won ik ook de 500cc-titel. Uitgerekend in Namen. Zonder er een reeks of de GP te winnen. Dat deed de Zweed Hakan Carlqvist. Na afloop van de eerste reeks had ik evenwel voldoende punten vergaard om de nieuwe wereldkampioen te zijn. Op slag werd ik ook de eerste “Mister 875″. Het feest achteraf was navenant.”

Ook Jobé ging dat jaar voor dezelfde bekroning. Jobé, reeds tweemaal wereldkampioen 250cc en eenmaal 500cc, koos in 1988 voor de 125cc-categorie. De Luikenaar bleek evenwel geen partij voor JM Bayle en Co.Hij ging af als een gieter.

th.1jpg

  • Rise and fall

Voor Eric Geboers gingen vanaf augustus 1988 alle deuren open. Eric werd niet alleen “Sportman van het jaar” gekroond, maar hij kreeg ook de “Trofee voor sportverdienste”. Geen motorcrosser had hem dat ooit voorgedaan.

Voor Geboers werd 1989 het jaar van de terugval. De motivatie was weg. Eric had zowat alles gewonnen wat er te winnen viel. Ook persoonlijke problemen en verkeerde technische keuzes lagen toen aan de basis van zijn verlies tegen Dave Thorpe en Jeff Leisk.

mx history day (61)Eric:”Zeg maar dat ik het na tien jaar top cross niet meer kon opbrengen om nog te trainen. Zelfs winnen deed me nog nauwelijks wat. Op het podium kreeg ik geen brok meer in de keel wanneer mijn naam gescandeerd werd. Ik wist toen dat het behoorlijk fout zat, maar ik deed er niks aan. Erger nog, vaak had ik het gevoel dat ik nog teveel kreeg in verhouding tot de geleverde inspanningen. Ook ‘Eric Geboers Events’, mijn bedrijf in sportpromotie, stond toen in de steigers. Ik voelde dat de commercie de motorcross naar de tweede plaats had verdrongen. Begin 1990 werd ‘EG Events’ officieel boven de doopvont gehouden in het Antwerpse Provinciehuis.”

  • Nog één keer

Maar Eric Geboers was er de man niet naar om ongemerkt van het crosstoneel te verdwijnen.

Eric:“Ik wou nog één keer schitteren en dan afscheid nemen op het toppunt van mijn kunnen. Daarvoor had ik nieuwe uitdagingen nodig.”

En die vond hij.

Eric:“De triatlonploeg, die ik vanaf 1990 onder mijn hoede nam, bracht opnieuw orde en regelmaat in mijn leven. Als fanaat van harde duurtrainingen kon ik niet beter aan mijn trekken komen dan bij deze jongens en meisjes. Zij waren nog fanatieker met hun sport bezig dan ik met de mijne. Het werd een enige ervaring.
Tien jaar lang had ik het tempo aangegeven tijdens mijn trainingen, nu moest ik achter deze bende aan. Ik liep, zwom en fietste mij dagelijks haast een beroerte. De sportmedische begeleiding deed de rest. Nog voor het crossseizoen van start ging, wist ik dat niemand mij van een vijfde wereldtitel zou houden. Mijn carrière moest eindigen in schoonheid.”

  • Orgelpunt

En dat gebeurde ook. In zijn laatste jaar won Eric de GP’s van Finland, Italië, Engeland, San Marino, België en de VS.

5 augustus 1990, zijn 28ste verjaardag, won hij voor het eerst de Belgische GP op de Naamse Citadel  en werd hij ook voor de vijfde keer wereldkampioen. Het laatste hiaat in zijn weergaloos palmares was opgevuld.

Eric:”5 augustus 1990, mijn 28ste verjaardag, werd niet alleen de absolute triomfdag van mijn carrière, maar ook de uiteindelijke bekroning van mijn loopbaan. Ik kon er nu op een fatsoenlijke manier een eindpunt achter zetten, zoals men dat in de Kempen zegt. Ik geloof niet dat iemand me dat op die manier heeft voorgedaan.

“Dat was het dan, nu begin ik een ander leven”, besloot Eric later de avond met een nieuwe flikkering in de ogen, nadat hij op de Naamse Citadel de laatste bakworsten van de barbecuetractatie geserveerd had aan zijn beste vrienden.

Een tijdperk was ten einde. De herinnering aan elf fantastische crossjaren zijn gebleven bij zijn vele duizenden supporters. Rust in vrede, Eric.

-ludo vervloet-

 

Op de uitvaartplechtigheid van Eric waren geen media en publiek toegelaten. Een bevriende fotograaf maakte tijdens de begrafenis beelden.
32837472_10156365197171100_3723996967894777856_n 32924372_10156365195911100_5818502731169529856_n 32917086_10156365195346100_5224111976463990784_n 32780099_10156365196171100_1562907258638041088_n 32972194_10156365196361100_8156667482409533440_n 32854789_10156365195436100_463062882565750784_n32928287_10156365196996100_1428511169236172800_n 32968133_10156365195576100_422131612306636800_n32535046_10156359316071100_3576295147119312896_n 32873711_10156365196616100_5989935053709246464_n

Dinsdag 15 mei was iedereen welkom voor een laatste groet van 19 uur tot 21 uur in de cafetaria van het motorcrossparcours in de Marie Curiestraat 24 in Lommel. Meer dan 2.000 rouwenden daagden op.

LOUIS BOECKMANS HEEFT ZIJN BOEK BEET

????????????????????????????????????

 

Louis Boeckmans  uit Klein Vorst is één van de weinige overlevenden van de vreselijke vernietigingskampen van de tweede wereldoorlog . Louis overleefde de kampen en keerde huiswaarts om er een liefdesnestje te bouwen in zijn Klein Vorst . Vrijdag werd het boek “Mijn verhaal 1942-1945 Louis Boeckmans” van auteur Felix Vanbel aan de pers voorgesteld .

 

Uit het welkomstwoord van burgemeester Tine Gielis onthouden we dat Louis er zijn levensmissie van maakte om mensen te waarschuwen voor elkaar , voor hetgeen ze elkaar kunnen aandoen . Getuige hiervan het boek dat vrijdagavond wordt voorgesteld .  Daarnaast blijft Louis lezingen geven en gidst hij in het Fort van Breendonk waar hij als krijgsgevangene naartoe werd gevoerd .

“Zolang er mensen op de aardbol rondlopen , hangt er liefde in de lucht , is het motto van Louis .  Als iedereen dat voor zichzelf invult en uitdraagt , elkaar respecteert en met elkaar in dialoog gaat , kunnen we Louis zijn levensmissie mee realiseren . Moge dit boek hiertoe de aanleiding zijn .” Aldus nog Tine.

Felix Vanbel , voorzitter van de gemeenteraad , zorgde voor de uitwerking en de samenstelling van het boek en is er de verantwoordelijke uitgever van . Felix dankte als volgt : “Bedankt Louis dat we vanuit uw verhaal een stuk van uw leven mochten leren kennen . Uw doorleefd , waarheidsgetrouw verhaal heeft ons zeer diep geraakt . De aanleiding ook om ons te verdiepen in de hele geschiedenis en in de onvergetelijke , onmenselijke situaties die zich tijdens wereldoorlog II hebben afgespeeld . Tevens werd het overduidelijk dat we dit verhaal zoveel mogelijk moeten delen . Uw verhaal mag nooit verloren gaan . “

Felix besloot met : “Redenen waren er genoeg om deze publicatie tot stand te brengen . Deze brochure wil een  eerbetoon zijn aan uw engagement om uw verhaal bij de jongeren en bij vele volwassenen kenbaar te maken en zo medewerker van de Vrede te zijn . Bedankt ook voor alle info die we van u en uw familie mochten ontvangen .”

foto – Louis werd eerder ook al door de CD&V Laakdal gehuldigd (met L auteur Felix Vanbel en R schepen Gerda Broeckx)-

Het boek werd meteen uitverkocht . De bestellingen lopen gewoon door . Nieuwe aanvragen worden gecentraliseerd tot eind volgende week . Zorg dat je erbij bent .