Vijftig jaar geleden …

Alles begon met de speech van een jonge, overmoedige president. Op 25 mei 1961 sprak de pas aangestelde John F. Kennedy het Amerikaanse Congres toe met de legendarische woorden ‘I believe we should go to the moon’. 

iw85gV7SH2LsRAZA3czVAB-1024-80Het voornemen van Kennedy om ‘voor het einde van dit decennium een mens te laten landen op de maan en hem veilig weer terug te brengen naar de aarde’ was toen nog vooral een staaltje borstklopperij, want in de ruimterace die zich afspeelde in de Koude Oorlog hadden de Verenigde Staten de Sovjets tot dan toe altijd moeten laten voorgaan.

De Russen hadden als eersten een satelliet in een baan om de aarde gebracht (de Spoetnik in oktober 1957) en een maand later ook het eerste dier, de hond Laika. Toen de Sovjet-Unie op 12 april 1961 de Amerikanen opnieuw een neus zette door als eerste een mens in de ruimte te brengen, Joeri Gagarin, had Kennedy het welletjes gevonden en voor de vlucht vooruit gekozen.

index maanlandersOp het moment van de fameuze speech van Kennedy wist niemand in de Verenigde Staten hoe het presidentiële plan in de praktijk zou moeten worden gebracht, laat staan hoe dat binnen de door de president opgelegde strakke deadline moest gebeuren. Het belette de ruimtevaartingenieurs van de Nasa niet om de uit­daging aan te gaan en met Amerikaanse pioniersgeest ­boven zichzelf uit te stijgen.

Op 21 juli 1969, acht jaar na Kennedy’s toespraak en vandaag precies 50 jaar geleden, plantte Neil Armstrong zijn linkervoet op de maanbodem. Die ‘small step’ mag de geschiedenis zijn ingegaan als een ‘giant leap’ voor de gehele mensheid, voor veel Amerikanen was hij stiekem toch vooral de lang verhoopte stamp tegen Russische schenen. (hvde in dS). O ja, de historische reis duurde exact 8 dagen, 3 uur, 18 minuten en 35 seconden …