RAMP MET DE HERALD OF FREE ENTERPRISE

In de vooravond van vrijdag 6 maart 1987 , vandaag 32 jaar geleden, kapseisde de veerboot  ‘Herald of free Enterprise’  kort nadat hij de haven van Zeebrugge had verlaten. Daarbij kwamen 193 van de 439 opvarenden, van wie de meesten Britten, om het leven.

Het moest een routinetrip worden, een actie van de krant The Sun: een overzet Dover-Oostende heen en terug voor amper 1 pond. Het was ook de eerste keer dat de Herald niet naar Oostende, wel naar Zeebrugge zou varen.

herald-of-free-enterprise-ferry-disaster-1987-713x330_1De veerboot maakte bij zijn afvaart een draaimanoeuvre van 180° en stevende dan op open zee af. De openstaande boegdeuren schepten gretig water en de boot helde naar bakboord. In razend tempo kapseisde de Herald en tonnen ijskoud water vullen het schip. Honderden mensen vielen, op en over elkaar. En het werd aardedonker.

Er klonk een aanhoudend geschreeuw, gegil. De Herald was op bakboordzijde vastgelopen op een zandbank. In Zeebrugge werd alarm geslagen.

Zevenentwintig minuten later hing boven het wrak een helikopter van de Belgische luchtmacht. Duikers, vissers, bergers, mensen van de zeemacht, politie, artsen, bemanningen van reddingsboten uit België en Nederland, werkers van het Rode Kruis vonden hun plek in het netwerk van helpers.

Vanaf tien voor half negen kwamen de honderden overlevenden aan land. Ze werden in stadsbussen naar kazernes en ziekenhuizen gebracht. Om half één in de nacht werden de laatste drie overlevenden gevonden in een nauwe schacht. Vijf uur later werden alle operaties gestopt. De Herald of Free Enterprise was veranderd in een massagraf.

Ruim een maand na de catastrofe, op 7 april, zetten de bergers van Smit-Tak de Herald recht, en op 27 april slaagde men erin de veerboot in de voorhaven van Zeebrugge te brengen. Uit het gerechtelijk vooronderzoek bleek dat de ramp het gevolg was van een combinatie van technisch en menselijk falen.

De Herald werd geladen via de boegdeuren. Die zijn bij vergissing open blijven staan, iets wat op de brug niet bekend was. De direct verantwoordelijke assistent- bootsman was bedankt na onderhouds- en schoonmaakwerkzaamheden en deed een dutje. Hij had wel opgemerkt dat de boegdeuren open stonden, maar sloot ze niet. Hij voelde zich hiervoor niet verantwoordelijk.

De eerste stuurman had de eindverantwoordelijkheid voor de procedure. Hij had de assistent- bootsman zien lopen en ging ervan uit dat die op weg was om de deuren te sluiten. Omdat hij niet was geïnformeerd over open boegdeuren, ging de gezagvoerder (kapitein) ervan uit dat ze gesloten waren.

De firma Townsend Thoresen werd na deze ramp een dochteronderneming van een rederij P. & O. De directie ging onmiddellijk tot actie over. Een paar veiligheidsmaatregelen werden getroffen. De naam Townsend Thoresen werd van de overgebleven schepen verwijderd. P. & O. kwam in de plaats.